|
SCHIEBROEKSE PARK EN OMGEVING
EXCURSIE SCHIEBROEKSE PARK OP 1 MEI 2010
Het Rotterdams Milieucentrum (RMC) organiseerde op 1 mei 2010 in samenwerking met de Stichting Natuurbescherming Vlinderstrik een excursie door het Schiebroekse park. Het werd een interessante en leerzame excursie.
LEES VERDER.
BESTEMMINGSPLAN SCHIEBROEKSE PARK e.o.
Op 28 januari 2010 heeft de gemeenteraad van Rotterdam het bestemmingsplan “Schiebroekse park e.o.” vastgesteld. De gemeenteraad heeft het advies van het College om onze zienswijze op alle punten ongegrond te verklaren, overgenomen. Wij betreuren dit, want nu blijven de bomen binnen het zogenaamde 2% hellingsvlak, in het kader van de Verdrag van Chicago, onvoldoende beschermd.
ONTWERP PLANKAART PLANKAART MILIEU
ONZE ZIENSWIJZE
HOOGTEMETINGEN 2002 PROGRAMMA 3A
HOOGTEKAART 2002 PROGRAMMA 3A
HOOGTEMETINGEN 2002 PROGRAMMA 3B BRIEF IVW
Op 3 december 2008 hebben wij een ZIENSWIJZE ingediend op het bestemmingsplan. Wat ons zorgen blijft baren is de bescherming van de bomen, als het gaat om de vliegveiligheid. Het is genoegzaam bewezen dat de APV Rotterdam misbruik van het Verdrag van Chicago mogelijk maakt. In de Luchtvaartwet, die het obstakelvrij houden van de start- en landingsbanen ook regelt, is de kap van te hoge bomen met veel meer zekerheden omgeven. De Raad van State stelt echter de plaatselijke APV boven de nationale Luchtvaartwet.
Bomen zijn erg belangrijk voor natuurwaarden, leefbaarheid en recreatie.
Zeker in het gebied van Schiebroek Noord dat nu al grote milieudruk ervaart tengevolge van het vliegveld, de Doenkade en de G.K. van Hogendorpweg. Daarbij komt binnen afzienbare tijd de verbreding van de Doenkade en op termijn is er sprake van de aanleg van de nieuwe Rijksweg A13/A16 en verdubbeling van het aantal vluchten van Rotterdam Airport.
Wij vragen in onze zienswijze o.a. aandacht voor een betere juridische verankering in het bestemmingsplan voor de bescherming van bomen.
UITSPRAAK RAAD VAN STATE
Inclusief uitspraak Rechtbank, ons hoger beroep en Pleitnota
LUCHTVAARTWET
APV ROTTERDAM
Op 12 september 2007 heeft de Raad van State uitspraak gedaan in ons hoger beroep tegen de door de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek verleende rooivergunning voor het rooien van 40 bomen bij tennisvereniging Toeg aan de Weegbreestraat, onderdeel van het Wilgenplaspark. De rooivergunning is afgegeven op grond van artikel 4.4.4, vierde lid, aanhef en onder c van de Algemene Plaatselijke Verordening Rotterdam 2004 (APV). Hoewel artikel 38 van de Luchtvaartwet al daarin voorziet, is dit artikel van de APV in het leven geroepen om het zogenaamde 2% vlak van de start- en landingsbaan van Airport Rotterdam obstakelvrij te houden. De rooivergunning is volkomen willekeurig afgegeven. In het Wilgenplaspark en in het aangrenzende Lindesingelpark staan nog honderden bomen die nog veel grotere overschrijdingen hebben dan de bomen uit de onderhavige rooivergunning, tot wel bijna 20 meter !! Deze bomen blijven ongemoeid. Een onbegrijpelijke situatie, dit wordt ook door de Afdeling (Raad van State) in haar uitspraak erkend.
Toch overweegt de Raad van State dat het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek niet anders kon doen dan de rooivergunning te verlenen. Immers artikel 4.4.4, vierde lid, aanhef en onder c, van de APV, betreft een dwingende bepaling die het dagelijks bestuur geen beoordelingsvrijheid laat ten aanzien van het verlenen van de vergunning, indien deze wordt gevraagd om te voldoen aan de op grond van de artikelen 37 en 38 van het Verdrag door de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie vastgestelde en voor Nederland geldende eisen.
Blijft onzes inziens onverlet dat de APV een plaatselijke regelgeving betreft die naar ons oordeel niet strijdig mag zijn met de nationale wetgeving. Deze nationale wetgeving is de Luchtvaartwet van 15 januari 1958, waar artikel 38 voorziet in het obstakelvrij houden van de start- en landingsbaan. De procedures ingevolge de Algemene wet bestuursrecht (Awb) waaraan deze Luchtvaartwet onderhevig is, garandeert een grote zorgvuldigheid bij het al of niet verlenen van rooivergunningen. De Luchtvaartwet kan handhavend optreden door middel van een aanwijzing van de Minister. Bovendien maakt de Luchtvaartwet het mogelijk om van de exploitant van de luchthaven een schadevergoeding op te leggen voor het verlies van waarden zoals die zijn voor ecologie, landschap, recreatie en, zeker niet onbelangrijk, voor het zuiveren van de lucht (fijn stof!) en het dempen van het geluid.
Artikel 4.4.4, vierde lid, aanhef en onder c, van de APV werkt misbruik van het Verdrag van Chicago in de hand, zo is genoegzaam gebleken bij de rooivergunningen voor 3.500 bomen in het Schiebroekse Park. Dit artikel houdt geen rekening met genoemde belangrijke waarden van de bomen en kan niet handhavend optreden. Aan een gevaarlijke situatie die het gevolg is van overschrijdingen van bomen tot bijna 20 meter in zowel het Wilgenplaspark als het Lindesingelpark wordt niets gedaan!
Hoewel de Afdeling ter zitting op 22 augustus 2007 begrip toonde voor de onbevredigende situatie en staatsraad/rapporteur W. Konijnenbelt zich zelfs liet ontvallen dat het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek er een “zooitje” van gemaakt heeft, oordeelt de Afdeling dat zij niet anders kan doen dan de rooivergunning goed te keuren. Ter zitting adviseerde de Afdeling om aan de gemeenteraad te vragen het gewraakte artikel van de APV buiten werking te laten stellen. Dit is, aldus de Afdeling, de enige mogelijkheid om aan deze ongewenste situatie een eind te maken.
Klik HIER voor de Uitspraak RvS, met daaraan gehecht de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam, ons hoger beroep, aanvulling gronden hoger beroep en onze pleitnota.
Lopen de deelgemeenten Schiebroek en Overschie groot gevaar op neerstortende vliegtuigen of wordt er weer gesjoemeld met het 2% hellingsvlak Verdrag van Chicago?
UITSPRAAK
Rooivergunning 40 bomen bij sportcomplexen Toeg en Vras
aan de Weegbreestraat in Schiebroek.
In vervolg op ons Jaarverslag 2006 vindt u hierbij de op 6 februari 2007 gedateerde UITSPRAAK van de Rechtbank Rotterdam ter zake van het rooien van 40 bomen aan de Weegbreestraat in Schiebroek, op grond van het 2% hellingsvlak Verdrag van Chicago.
Ons beroep is door de Rechtbank ongegrond verklaard. De bomen van de onderhavige rooivergunning vormen een gevaar voor de vliegveiligheid en moeten daarom omgelegd worden, ongeacht de ecologische, landschappelijke en recreatieve waarden van deze bomen. Het betreft de vakken 524, 584 en 590 uit de IVW-kaart.
Tot zover kunnen wij het betoog van de Rechtbank volgen.
De Rechtbank gaat in haar uitspraak echter niet in op de ontelbare obstakels, die er nog zijn in Schiebroek en Overschie, met aanzienlijke grotere overschrijdingen van het 2% vlak dan de bomen bij sportcomplex Toeg die nu gerooid moeten worden.
Dit betekent dat de deelgemeenten Schiebroek en Overschie groot gevaar lopen op neerstortende vliegtuigen. Of betekent dit dat er weer wordt gesjoemeld met het 2% vlak, net zoals dit eerder is gebeurd met de rooivergunningen voor 3.500 bomen in het Schiebroekse Park??? Het 2% vlak heeft een directe relatie met de veiligheidscontouren en de geluidszones van Rotterdam Airport. Wij zullen proberen uit te zoeken wat dit betekent voor de huidige en toekomstige overlast van Rotterdam Airport; zo mogelijk met behulp van een goede advocaat.
Aan de hand van verschillende metingen van de Inspectie van Verkeer en Waterstaat (IVW), uit 2002, 2003, 2005 en 2006, hebben wij voor de overzichtelijkheid deze metingen in één tabel (HTML) samengevoegd. U kunt deze tabel ook in PDF openen, met daaraan gehecht bewerkte weergaven van de IVW hoogtekaart van 2006, met betrekking tot de bomen die in Schiebroek nog staan met aanzienlijke overschrijdingshoogten. De in de kaarten voorkomende vaknummers vindt u terug in de tabel. In de tabel kunt u dan zien wat de werkelijke hoogten van de bomen zijn, en uiteraard ook wat de overschrijdingshoogten zijn, omgerekend naar het 2% hellingsvlak.
Rooivergunningen Schiebroekse Park.
Rooiplantekening 2.880 bomen Schiebroekse Park 1,2% vlak (pdf 511 kB)
Specificatie hoogtemetingen 2002,2003,2005,2006 met kaarten (pdf
1,35 MB)
Hoogtekaart 2006 3b programma (2%
vlak) (pdf 1,47 MB)
Mededelingen van de Inspectie Verkeer en Waterstaat .
De Inspectie van Verkeer en Waterstaat heeft ons per brief van 31 juli 2006 als volgt geïnformeerd:
“Jaarlijks worden in opdracht van de Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW) obstakelmetingen uitgevoerd voor zowel programma 3 a als 3b.
Programma 3 a wordt gebruikt voor startbanen en programma 3b voor landingsbanen.
Voor programma 3a wordt in opdracht van de IVW geïnventariseerd welke obstakels door het 1,2% vlak steken. Deze obstakels worden, na verwerking door IVW, opgenomen in de luchtvaartgids. Ieder vertrekkend vliegtuig is verplicht om veilig uit te vliegen, rekening houdend met o.a. deze obstakelinformatie .
Verder worden de resultaten van deze inventarisatie aan de exploitant aangeboden die beoordeelt welke obstakels door het door de IVW gehanteerde 2% vlak steken. Dit vlak is gebaseerd op ICAO Annex 14 van het verdrag van Chicago. Het is aan de exploitant om hier verder actie op te ondernemen.
Voor programma 3b wordt bepaald welke obstakels door het 2% vlak steken. Deze resultaten worden aan de exploitant aangeboden opdat hij de nodige actie kan (laten) ondernemen.
Het is geen voorschrift van de IVW om te saneren op basis van het 1,2% vlak.
De exploitant heeft een Plan van Aanpak hoe met de onderhavige situatie van de nog niet aangepakte obstakels om te gaan.”
Tot zover de informatie van de Inspectie van Verkeer en Waterstaat.
Van belang is te weten dat het Verdrag van Chicago uitgaat van het 2% vlak. De IVW heeft wel een meldingsplicht ten aanzien van het 1,2% vlak, maar het is geen voorschrift om op basis van het 1,2% vlak de obstakels te saneren.
Oneigenlijk gebruik Verdrag van Chicago.
Ook van belang is te weten dat de IVW jaarlijks de metingen uitvoert zowel voor het 3a (1,2% vlak) als voor het 3b (2% vlak) programma. Vergunningaanvrager (gemeentewerken Rotterdam) en het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek waren dus op de hoogte van beide metingen toen zij de rooivergunningen voor het Schiebroekse Park op grond van het Verdrag van Chicago aanvroegen respectievelijk verleenden.
Vastgesteld is dat desondanks in ieder geval de rooivergunning voor 2.880 bomen verleend is op basis van metingen programma 3a (1,2% vlak) van juni 2002. Deze metingen en de bijbehorende kaart kunt u hier downloaden. Pas op 31 juli 2006 hebben wij met de brief van de IVW de metingen ontvangen op basis van het programma 3b (2% vlak) van juni 2002. Deze metingen hebben wij samen met de metingen programma 3a juni 2002 en metingen programma 3b van 2003, 2005 en 2006 in een tabel samengevoegd en met elkaar vergeleken. Uit deze tabel blijkt dat het verschil in overschrijdingshoogten tussen het 1,2% vlak en 2% vlak in 2002 in het Schiebroekse Park zo'n 15 meter bedraagt. Uit de kaart van programma 3a (1,2% vlak) 2002 blijkt bovendien dat de bomen ten oosten en ten zuiden van de Educatieve Tuin, zelfs op grond van het 1,2% vlak, geen enkele overschrijding vertoonden. Dit betekent dat met name voor de duurzame, waardevolle en langzaam groeiende Beuken en Eiken ten zuiden van de Educatieve Tuin geen enkel gevaar voor de vliegveiligheid was te duchten. Zij hadden immers nog minstens 15 meter te groeien voor dat zij ooit, waarschijnlijk nooit, enig gevaar voor de vliegveiligheid zouden hebben kunnen opleveren.
Door Rechtbank en Raad van State bewust op het verkeerde been te zetten heeft het dagelijks bestuur van onze deelgemeente alle rooivergunningprocedures tot nu toe weten te winnen. En daar zijn ze nog trots op ook. Enige verantwoordelijkheid voor haar misplaatste acties wenst het dagelijks bestuur niet te nemen. Op ons gerechtvaardigde verzoek om de honderden Beuken en Eiken ten zuiden van de Educatieve Tuin te herplanten wordt gewoon geen antwoord gegeven. Aan de intentie om de rooivergunning in te trekken, voor de resterende 400 nog te rooien bomen, uitgesproken tijdens een zitting van de Raad van State teneinde ons beroep niet-ontvankelijk te doen verklaren, wenst het dagelijks bestuur geen gevolg te geven. Zie hiervoor de beschikking op ons bezwaarschrift wegens niet tijdige intrekking van de rooivergunning.
Het dagelijks bestuur heeft natuurlijk andere plannen met dit gedeelte van het Schiebroekse Park. Wat deze plannen zijn, daar komen wij nog niet achter. Over het al meer dan een jaar in ontwikkeling zijnde nieuwe bestemmingsplan Schiebroekse Park wenst het dagelijks bestuur ons geen enkele informatie te geven.
Het door ons gestelde oneigenlijke gebruik van het verdrag van Chicago wordt niet betwist; noch door het dagelijks bestuur, noch door de Rechtbank Rotterdam, noch door de Raad van State. De discussie hierover wordt echter tot nu toe door alle partijen hermetisch afgeschermd door onze beroepen niet-ontvankelijk te (doen) verklaren.
Ontheffing Flora en Faunawet op grond van Verdrag van Chicago.
De ontheffing Flora en faunawet is verleend op grond van het Verdrag van Chicago, zijnde een dwingende reden van groot openbaar belang. Aangezien wij deze dwingende reden van groot openbaar niet aanwezig achten hebben wij bezwaar en beroep tegen de ontheffing aangetekend.
Ook ons beroep inzake ontheffing Flora en faunawet Schiebroekse park is
door de Rechtbank niet-ontvankelijk verklaard. Dit keer omdat vergunninghouder, Gemeentewerken Rotterdam, toegezegd zou hebben de rooivergunning in te doen trekken door het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur is echter helemaal niet van plan de rooivergunning in te trekken. Het heeft echter geen zin om in hoger beroep te gaan bij de Raad van State, omdat wij dan weer niet-ontvankelijk worden verklaard en dit keer op grond van het feit dat de ontheffing inmiddels is verlopen. Wij waren op tijd met ons bezwaarschrift, maar verweerder (Ministerie LNV) en vervolgens de Rechtbank hebben de procedures dermate weten te traineren en te rekken, dat de uitspraak van de Rechtbank werd bekend gemaakt enkele dagen vóór de ontheffing zou verlopen. De ontheffing was namelijk twee jaar geldig.
Rooivergunning 40 bomen bij sportcomplexen Toeg en Vras
aan de Weegbreestraat in Schiebroek.
Op 6 februari 2007 heeft de Rechtbank Rotterdam in deze zaak
UITSPRAAK (pdf 505 Kb) gedaan. Ons beroep is ongegrond verklaard. De bomen vormen een gevaar voor de vliegveiligheid en moeten daarom omgelegd worden, ongeacht de ecologische, landschappelijke en recreatieve waarden van deze bomen. Tot zover kunnen wij het betoog van de Rechtbank volgen. De Rechtbank gaat in haar uitspraak echter niet in op de ontelbare obstakels, die er nog zijn in Schiebroek en Overschie, met aanzienlijke grotere overschrijdingen van het 2% vlak dan de bomen bij sportcomplex Toeg die nu gerooid moeten worden.
Dit betekent dat de deelgemeenten Schiebroek en Overschie groot gevaar lopen op neerstortende vliegtuigen. Of betekent dit dat er weer wordt gesjoemeld met het 2% vlak, net zoals dit eerder is gebeurd met de rooivergunningen voor 3.500 bomen??? Het 2% vlak heeft een directe relatie met de veiligheidscontouren en de geluidszones van Rotterdam Airport. Wij zullen proberen dit uit te zoeken, zo mogelijk met behulp van een goede advocaat.
Het oneigenlijke gebruik van het Verdrag van Chicago hebben wij ook aangevoerd in de procedures van de rooivergunning voor 40 bomen op het sportcomplex Toeg en Vras aan de Weegbreestraat in Schiebroek. De rooivergunning is verleend op grond van het verdrag van Chicago. Op basis van metingen programma 3b (2% vlak), dat wel. Het gaat om de vakken 524, 584 en 590 waarin 13 (en geen 40!) bomen volgens IVW metingen van 2006 een overschrijdingshoogte hebben van 3.34 tot 8.32 meter . Uit dezelfde metingen van juni 2006 blijkt echter dat er heden ten dage in het 2% vlak nog een aanzienlijk aantal obstakels zowel in Schiebroek als in Overschie staat dat nog steeds niet is aangepakt, met overschrijdingshoogten tot wel 19,82 meter ! (twee bomen in vak 308, punt S en 3, in Schiebroek). Uit de kaart blijkt dat deze obstakels niet alleen voorkomen in Schiebroek, maar vooral ook in Overschie. Wij hebben fragmenten uit de kaart van 2006 gekopieerd en in een tabel de bij deze kaartdelen behorende vakken, in Schiebroek, de werkelijke hoogten en de overschrijdingshoogten aangegeven. Aan de hand van de werkelijke hoogten wordt, rekening houdend met het NAP-peil en de afstanden vanaf het vliegveld en de kern van het 2% vlak, door middel van een bepaalde sleutel de overschrijdingshoogten bepaald. Wij vinden het vreemd dat 40 bomen met grote waarden voor ecologie, leefbaarheid en recreatie moeten verdwijnen terwijl een groot aantal bomen met veel grotere overschrijdingshoogten ongemoeid blijven. De Inspectie van Verkeer en Waterstaat laat het aan de exploitant (Rotterdam Airport) over om hier wat aan te doen. Dit vinden wij onjuist. We zien wat er is gebeurd met het Schiebroekse Park. Het dagelijks bestuur van onze deelgemeente is zo blij met de medewerking van Rotterdam Airport om duizenden bomen op oneigenlijke gronden te kunnen rooien, dat directeur Wondolleck tijdens de feestelijke heropening van het Schiebroekse park één Eik mocht herplanten.
Om oneigenlijk gebruik van het Verdrag van Chicago in de toekomst te voorkomen hebben wij aan de Rechtbank gevraagd om een aanwijzing te doen geven door een daartoe bevoegde instantie, zoals het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, ingeval bomen gerooid moeten worden op grond van het Verdrag van Chicago.
De UITSPRAAK (pdf 505 Kb) van de Rechtbank vinden wij in zoverre verhelderend, dat het niet anders kan zijn dat Schiebroek en Overschie groot gevaar lopen of dat er weer gerommeld wordt met het 2% vlak.
Bestemmingsplan in relatie tot bescherming van bomen.
De bescherming van bomen in de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek is een moeizame zaak, zeker wanneer de bescherming daarvan niet wordt voorzien in het bestemmingsplan. Het vigerende bestemmingsplan Schiebroekse Park voorziet in recreatie. Ook HCR en VOC met grootschalige parkeerplaatsen zijn op grond van dit bestemmingsplan mogelijk gemaakt. Het nieuwe bestemmingsplan Schiebroekse Park belooft wat ons betreft dan ook niet veel goeds. Wij blijven wel de vinger aan de pols houden, zeker op bestemmingsplanniveau.
Hieronder volgt een verslag van de procedures die wij hebben gevoerd om de vernietiging van bomen tegen de gaan en om herplant van met name de Beuken en Eiken ten zuiden van de Educatieve Tuin te bewerkstelligen.
Wij worden er niet vrolijk van.
ROOIVERGUNNING VOOR 2.880 BOMEN. (pdf 285 kB).
ROOIPLANTEKENING 1,2% VLAK.
(pdf 511 kB).
Op 19 juni 2003 werd door het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek de rooivergunning (pdf 285 kB) verleend voor het kappen van 2.880 bomen voor de realisatie van het Inrichtingsplan 2% vlak Schiebroekse Park. Iedereen is hiermee op het verkeerde been gezet, want de vergunning is in feite verleend op grond van het 1,2% hellingsvlak. Daar zijn wij in de loop van de procedures achter gekomen. De bij de vergunning behorende rooiplantekening (pdf 511 kB) geeft dan ook niet het 2% vlak weer, maar het 1,2% vlak. De begrenzing van het 2% vlak is namelijk veel ruimer dan die van het 1,2% vlak. Dit blijkt uit tekeningen van metingen 2% vlak augustus 2005 en juni 2006 van de Inspectie Verkeer en Waterstaat. Na 18 juni 2005 zijn er in het Schiebroekse Park en omgeving geen bomen meer gekapt op grond van het Verdrag van Chicago. Het vreemde is dat uit de tekening 2% vlak 2006 blijkt dat er heden ten dage nog een aanzienlijk aantal bomen staat in het 2% vlak, met een overschrijdingshoogte tot wel 19,82 meter (vak 308, Adrianalaan). Deze bomen staan o.a. langs de Lindesingel en de Adrianalaan. En dit terwijl honderden zeer waardevolle Beuken en Eiken ten zuiden van de Educatie Tuin, zelfs tijdens het broedseizoen, zo nodig in het voorjaar van 2005 gerooid moesten worden. Deze langzaam groeiende bomen hadden minstens nog 15 meter te groeien voor dat zij ooit, waarschijnlijk nooit, enig gevaar zouden hebben kunnen opleveren voor de vliegveiligheid. Het verschil in overschrijdingshoogte tussen het 1,2% vlak en het 2% vlak bedroeg in het Schiebroekse Park circa 15 meter. De bomen ten zuiden van de Educatieve Tuin vertoonden zelfs op grond van metingen 1,2% vlak juni 2002 geen enkele overschrijding, zodat deze langzaam groeiende bomen nog minstens 15 meter hadden te gaan.
Op de rooivergunningprocedure hadden wij geen invloed, omdat onze Stichting pas in juli 2004 werd opgericht. Wel hebben wij om handhaving van de rooivergunning verzocht omdat wij van mening zijn dat, in overeenstemming met de voorwaarden in de rooivergunning, alleen op grond van het 2% vlak gerooid mocht worden; en omdat er tegen de afspraken in tijdens het broedseizoen nog steeds werd gerooid. Onze beroepen zijn echter zowel door de Rechtbank als door de Raad van State niet-onrvankelijk verklaard omdat er geen procesbelang meer is vanwege het feit dat (bijna) alle bomen inmiddels zijn gerooid en omdat het dagelijks bestuur tegenover de Raad van State de verwachting wekte dat de rooivergunning zou worden ingetrokken voor de resterende 400 bomen, die er dank zij onze acties toch nog zijn blijven staan.
Uit de BESCHIKKING OP BEZWAAR,
(pdf 234 kB) die wij op 18 december 2006 van het dagelijks bestuur ontvingen naar aanleiding van ons bezwaar wegens niet tijdige intrekking van de rooivergunning, blijkt echter dat het dagelijks bestuur helemaal niet van plan is, en ook niet is geweest, om de rooivergunning in te trekken. Rechtszekerheid dat deze bomen nooit meer gerooid zullen worden is dus niet aanwezig. Bovendien is ons gebleken dat het dagelijks bestuur geenszins van plan is om de waardevolle Eiken en Beuken ten zuiden van de Educatieve Tuin te herplanten.
Het voortbestaan van de Educatieve Tuin staat onder druk. De ten onrechte gerooide waardevolle Eiken en Beuken in de vakken ten zuiden daarvan worden niet herplant. De bomen die daar dank zij onze acties nog staan kunnen nog steeds gerooid worden op grond van een in rechte onaantastbare rooivergunning. Intrekking van deze rooivergunning is niet aan de orde.
Het in ontwikkeling zijnde bestemmingsplan Schiebroekse Park moet duidelijkheid bieden wat werkelijk de bedoeling is geweest van de onzinnige kaalslag.
Het bestemmingsplan Schiebroekse Park is al ruim een jaar in ontwikkeling, maar het dagelijks bestuur wenst ons daarover geen enkele informatie te geven.
Hieronder volgt een verslag van onze procedures bij Rechtbank en Raad van State.
Op 27 september 2006 heeft de Raad van State ons HOGER BEROEP (pdf 3,71 MB, inclusief gehele dossier) inzake onze bezwaren ten aanzien van handhaving rooivergunning Schiebroekse Park niet-ontvankelijk verklaard.
Na de Rechtbank Rotterdam heeft nu ook de Raad van State het dagelijkse bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek (verweerder) de gelegenheid gegeven de dans te ontspringen door de discussie over het oneigenlijk gebruik van het Verdrag van Chicago af te schermen.
Bij niet-ontvankelijkheid van een beroep hoeven de rechters niet inhoudelijk in te gaan op de zaak zelf. Het door ons gestelde oneigenlijke gebruik van het Verdrag van Chicago is echter niet betwist; noch door verweerder, noch door Rechtbank en noch door Raad van State.
Uit eigener beweging heeft de Rechtbank (UITSPRAAK pdf 1,66 MB) ons beroep niet-ontvankelijk verklaard in tegenstelling tot de Beslissing op Bezwaar (pdf 1,04 MB) van verweerder die onze bezwaren in verband met handhaving van de rooivergunning aanvankelijk wel ontvankelijk had verklaard. De beslissing op bezwaar van de deelgemeente had dus ten aanzien van de ontvankelijkheid gedeeltelijk ongegrond verklaard moeten worden maar dat vonden Rechtbank en Raad van State vreemd genoeg niet nodig; met als gevolg dat wij ook nog de door ons betaalde griffierechten niet vergoed krijgen. De deelgemeente, danig in het nauw gedreven door onze bewijsvoering van oneigenlijk gebruik Verdrag van Chicago, is teruggekomen op haar beslissing op bezwaar en heeft alles op alles gezet om onze bezwaren ook bij de Raad van State als niet-ontvankelijk te doen verklaren.
Bij uitspraak van de Raad van State d.d. 27 september 2006, zaaknummer: 200603401/1, is ons hoger beroep inderdaad niet-ontvankelijk verklaard; in tegenstelling overigens tot de uitspraak Raad van State d.d. 6 juli 2005, zaaknummer: 200407645/1 waarin om dezelfde redenen het hoger beroep van bezwaarmakenden tegen de rooivergunning voor 2.880 bomen wel ontvankelijk werd verklaard. In deze uitspraak overwoog de RvS als volgt:
“ Ter zitting is door de vertegenwoordiger van het dagelijks bestuur naar voren gebracht dat er geen procesbelang meer is, omdat alle bomen, waarvoor kapvergunning is verleend, zijn gekapt. Gelet op hetgeen in de daarop volgende briefwisseling naar voren is gebracht, is vast komen te staan dat – ook thans – nog niet alle bomen waarvoor kapvergunning is verleend, zijn gekapt. Reeds hierom bestaat nog een belang bij de beoordeling van het geschil in hoger beroep”.
De Raad van State overweegt nu dat de rechtbank ons beroep terecht als niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat het dagelijks bestuur ter zitting bij de Raad van State d.d. 17 augustus 2006 uitdrukkelijk heeft verklaard van de rooivergunning ten aanzien van de resterende 400 bomen geen gebruik meer zal worden gemaakt en dat voor een eventuele kap van deze bomen volgens uitdrukkelijke verklaring van het dagelijks bestuur zonodig een nieuwe rooivergunning zal worden aangevraagd.
Dit betekent dat de rooivergunning op 17 augustus 2006 – of eerder – door het dagelijks bestuur officieel is ingetrokken. Dit is een besluit dat overeenkomstig de algemene wet bestuursrecht (awb), net zoals het besluit tot verlening van een rooivergunning, gepubliceerd had moeten worden met de mogelijkheid tot het maken van bezwaar/beroep.
Het blijkt echter dat het nooit de intentie van het dagelijks bestuur is geweest om de rooivergunning in te trekken. Dit blijkt uit de BESCHIKKING OP BEZWAAR (pdf 234 kB) die wij op 18 december 2006 van het dagelijks bestuur ontvingen naar aanleiding van ons ingediende bezwaarschrift voor te late intrekking van de rooivergunning.
Bewezen is dat het dagelijks bestuur essentiële meetgegevens bewust heeft achter gehouden, waardoor in het Schiebroekse Park de overschrijdingen 2% hellingsvlak met circa 15 meter te hoog zijn aangegeven. Bewezen is dat de langzaam groeiende Beuken en Eiken ten zuiden van de Educatieve Tuin nog minstens 15 meter hadden te groeien voor dat zij ooit, of nooit, enig gevaar zouden hebben kunnen opleveren voor de vliegveiligheid. Daarentegen is bewezen dat een groot aantal bomen langs de Lindesingel en de Adrianalaan tot op de dag van vandaag niet is aangepakt, ondanks dat zij volgens metingen van de Inspectie van Verkeer en Waterstaat van juni 2006 overschrijdingen vertonen tot 19,82 meter. Dit heeft onder andere te maken met het feit dat de begrenzing van het 2% hellingsvlak veel zuidelijker ligt dan de begrenzing van de rooivergunning, die is uitgegaan van het 1,2% hellingsvlak. De begrenzing van het 2% hellingsvlak blijkt zelfs langs het Schippersinternaat aan de Berberisweg te gaan.
Te uwer informatie vindt u HIER (pdf 3,71 MB) het dossier van ons hoger beroep bij de Raad van State.
U vindt hierin:
1. Uitspraak Raad van State 27-09-06 zaaknummer 200603401/1.
2. Ons hoger beroep d.d. 08-05-06.
3. Het verweerschrift van de deelgemeente d.d. 07-06-06.
4. Ons repliek hierop d.d. 20-06-06.
5. Onze briefwisseling met Inspectie Verkeer en Waterstaat.
6. Onze pleitnota ter zitting Raad van State d.d. 17-08-06.
7. Pleitnota verweerder.
Niet eerder dan op 31-07-06 ontvingen wij via de Inspectie Verkeer en Waterstaat de meetgegevens juni 2002 programma 3B baan 06-24 (2% vlak). Het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek heeft echter de metingen programma 3A (1,2% vlak) gebruikt om de rooivergunning voor 2.880 bomen op grond van het verdrag van Chicago te rechtvaardigen.
U vindt HIER een tabel van de verschillen in overschrijdingshoogten tussen metingen juni 2002 van het 1,2% vlak (programma 3A) en het 2% vlak (programma 3B).
Bij brief van Verkeer en Waterstaat d.d. 31-07-06, kenmerk IVW/LuLu/06.540783, wordt bevestigd dat het geen voorschrift van de IVW is om te saneren op basis van het 1,2% vlak. Er is hier dus sprake van een onrechtmatige overheidshandeling van de zijde van het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek, met ver-gaande gevolgen.
ONTHEFFING FLORA EN FAUNAWET SCHIEBROEKSE PARK. (pdf 90,4 kB).
Tegen de op 13 december 2004 aan Gemeentewerken Rotterdam verleende ontheffing artikel 75 Flora en Faunawet hebben wij op 5 januari 2005 een bezwaarschrift ingediend bij het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Dienst Regelingen. Hier wreekt zich het feit dat wij tegelijkertijd met ons bezwaar geen verzoek om voorlopige voorziening hebben ingediend bij de Rechtbank. Ondanks ons bezwaar zijn de rooiwerkzaamheden gewoon doorgegaan.
Na enorm getraineer zowel van de zijde van verweerder (Ministerie LNV) als van de Rechtbank ontvingen wij pas op 11 december 2006 van de Rechtbank Rotterdam de
UITSPRAAK (pdf 267 Kb) op ons beroep.
Ook in dit beroep zijn wij niet-ontvankelijk verklaard.
Weliswaar, zo overweegt de Rechtbank, staan er in het gebied waarvoor de ontheffing is verleend nog 400 bomen waarvoor de kapvergunning nog niet is ingetrokken, maar verweerder heeft onbetwist gesteld dat de vergunninghouder (gemeentewerken Rotterdam) hem heeft toegezegd dat deze bomen niet zullen worden gekapt en dat de kapvergunning voor deze bomen zal worden ingetrokken.
Deze uitspraak verhoudt zich niet met de BESCHIKKING OP BEZWAAR (pdf 234 kB) van het dagelijks bestuur, naar aanleiding van ons bezwaar voor te late intrekking rooivergunning.
De Rechtbank oordeelde dat deze toezegging voldoende was om ons beroep niet-ontvankelijk te verklaren omdat ons procesbelang dan niet meer aanwezig zou zijn. Wij hebben bij de Rechtbank beroep ingesteld omdat wij van mening zijn dat er voor de ontheffing van de Flora en Faunawet de daartoe noodzakelijke dwingende redenen van groot openbaar belang niet aanwezig zijn. Als dwingende reden van groot openbaar belang wordt in de ontheffing genoemd het Verdrag van Chicago. Wij hebben dit aangevochten. Zie hiervoor onze PLEITNOTA (pdf 778 kB), ingediend tijdens de rechtszitting. Onze stelling, dat er geen sprake kon zijn van dwingende redenen van groot openbaar belang, wordt niet betwist; noch door verweerder, noch door de Rechtbank. Maar omdat ons beroep niet-ontvankelijk is verklaard hoeft de Rechtbank daar inhoudelijk niet op in te gaan.
Het heeft geen zin om tegen de uitspraak van de Rechtbank in hoger beroep te gaan bij de Raad van State. De ontheffing FFwet is twee jaar geldig en verloopt op 13 december 2006. Alleen al op grond hiervan zal de Raad van State ons hoger beroep wegens gebrek aan procesbelang niet-ontvankelijk verklaren. Verweerder en Rechtbank hebben dit voor elkaar gekregen door de procedure te traineren en te rekken. Op 5 januari 2005 hebben wij bij verweerder een bezwaarschrift tegen de onthefffing ingediend en pas op 17 oktober 2005 ontvingen wij de beschikking op bezwaar. Op 23 november 2005 hebben wij tegen deze beschikking op bezwaar beroep ingesteld bij de Rechtbank en pas op 11 december 2006 ontvingen wij de uitspraak op ons beroep, twee dagen voordat de ontheffing zou verlopen.
ROOIVERGUNNING FIETSPAD F269. (pdf 105 kB).
Op 26 augustus 2005
heeft het dagelijks bestuur van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek aan de Provincie Zuid-Holland een rooivergunning verleend voor 1.316 bomen in het talud van de zuidzijde van de Doenkade in het traject tussen de Erasmuslijn (v/h Hofpleinlijn) en het Doenkadeplein bij de G.K. van Hogendorpweg. Na lang aarzelen heeft het dagelijks bestuur op 23 februari 2006 onze bezwaren GEGROND (pdf 1,20 MB) verklaard op grond van het feit dat het tracé van het fietspad en de realisatie daarvan voor het dagelijks bestuur onduidelijk waren. De aanvraag voor de rooivergunning noemde aanleg van Fietspad F269 als argument om de bomen te rooien. Dit is echter een recreatief fietspad dat ten noorden van de Doenkade loopt door de Vlinderstrik. De provincie heeft het dagelijks bestuur echter met succes onder druk gezet om terug te komen op haar besluit. Uiteindelijk besliste de Raad van State dat het om een door Provinciale Staten vastgesteld fietspad zou gaan dat Bergschenhoek met Schiedam Noord zou verbinden. Uit de STARTNOTITIE VERBEDING DOENKADE blijkt echter dat de zuidelijke baan van de (verbrede) Doenkade gereserveerd wordt voor de nieuwe Rijksweg A13/16, maar de bomen zijn middels uitspraak van de Raad van State inmiddels wel gerooid.
Klik HIER voor nadere informatie.
ROOIVERGUNNING TOEG/VRAS WEEGBREESTRAAT. (pdf 1,59 MB).
Op 8 december 2006 is bij de Rechtbank Rotterdam ons BEROEP (pdf 327 kB) behandeld ter zake van de rooivergunning voor het kappen van 40 bomen aan de Weegbreestraat bij sportcomplexen Toeg en Vras. Ook hier wordt naar onze overtuiging oneigenlijk gebruik gemaakt van het Verdrag van Chicago. Zie hiertoe onze PLEITNOTA (pdf 683 kB) en die van verweerder, ingediend bij de zitting van de Rechtbank op 8 december 2006. Het is weer het oude liedje. Ook nu weer probeert verweerderder door ons beroep niet-ontvankelijk te laten verklaren de Rechtbank er van te weerhouden om inhoudelijk op de zaak in te gaan. Verweerder komt daarmee, zoals al zo vaak is gebeurd in voorgaande rechtszaken, terug op haar eerder ingenomen besluit om ons bezwaarschrift wel ontvankelijk te verklaren. Uitspraak naar verwachting binnen enkele weken. Wij houden u op de hoogte.
|