Vlinderstrik
Werkgroep v/h Stichting Natuurbescherming Vlinderstrik
CONTACT
010-4226671
Larikslaan 138
3053 LE
Rotterdam
 
 
 
 

 

NIEUWSBRIEF RIJKSWATERSTAAT
Rijkswaterstaat doet voorkomen dat dankzij de aanleg van de A16 Rotterdam de natuur in Schieveen en Vlinderstrik beter wordt. Vergeten wordt echter dat de A16 Rotterdam juist veel schade toebrengt aan de natuur en dat voor het overige gewoon gevolg moet worden gegeven aan de wettelijk vastgestelde Inrichtings- en Bestemmingsplannen voor Schieveen en Vlinderstrik die mede dankzij de Stichting Natuurbescherming Vlinderstrik tot stand zijn gekomen.

In het "Vogeljaar", het Tijdschrift voor vogelstudie en vogelbescherming, jaargang 65 (3) 2017, verscheen een interessant artikel over beheermaatregelen voor

Ganzen.

In de polders Schieveen en Vlinderstrik heeft de bestrijding van grote vogels, waaronder Ganzen, grote prioriteit i.v.m. de aanwezigheid van het nabije vliegveld Rotterdam The Hague Airport. De beheermaatregelen voor beide polders voorzien daarom in voor Ganzen onaantrekkelijk schraal bloemrijk grasland. Dit is een van de beheermaatregelen die het "Vogeljaar" adviseert.

Plankaart Masterplan Vlinderstrik.
pLankaart Bestemmingsplan Rotterdam
Plankaart Bestemmingsplan Lansingerland
Wildersekade
REGELS BESTEMMINGSPLAN "VLINDERSTRIK"

Beheer

Ingevolge de ganzenbestrijding, opgelegd door de FER in verband met het gevaar van vliegtuigaanvaringen, moet het beheer gericht zijn op schraal vochtig kruidenrijk grasland. Schraal bloemrijk grasland is namelijk voor ganzen en eenden veel minder in trek als foerageergebied dan de huidige voedselrijke graslanden. Verder moet het beheer ingevolge de in het bestemmingsplan opgelegde doelstellingen gericht zijn op de ecologische verbindingszone en op verbetering van de waterkwaliteit. Wij vinden daarom dat het beheer niet eenzijdig mag worden gericht op weidevogels. Wij vinden dat het beheer in de eerste plaats moet zijn gericht op de doelsoorten die voor de Vlinderstrik genoemd worden in het Ecologisch Advies van Bureau Stadsnatuur Rotterdam (bSR), als bijlage behorend bij de onderhavige bestemmingsplannen. Deze doelsoorten zijn:
Waterspitsmuis, Watervleermuis, Gewone grootoorvleermuis, Wezel, Kleine modderkruiper, Bittervoorn, Torenvalk, Patrijs en Kneu. Tal van andere soorten kunnen bij een beheer gericht op deze doelsoorten meeprofiteren. Het door de FER opgelegde beheer van vochtig schraal bloemrijk grasland brengt met zich mee dat ook weidevogels zullen meeprofiteren van dit beheer.

Natuurlijke bemesting door extensieve begrazing door koeien moet voldoende zijn. Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu verbiedt in haar Toestemmingsbrief immers elke vorm van extra bemesting.

ZIENSWIJZE
De raad van State heeft op 27 december een Tussenuitspraak gedaan op het bestemmingsplan Vlinderstrik Rotterdam. De gemeente Rotterdam moest een fout herstellen wat er op neerkomt dat nogmaals een stukje natuur van het bestemmingsplan wordt afgesnoept, bovenop het door ons reeds aangetoonde tekort van 15,6 hectare. De Afdeling heeft zich in alle mogelijke bochten gewrongen om al onze beroepsgronden ongegrond te kunnen verklaren. Bovendien werd een belangrijke beroepsgrond van ons volkomen genegeerd. Toch werden wij naar aanleiding van het door Rotterdam gewijzigde plan in de gelegenheid gesteld om daarop een zienswijze in te kunnen dienen. Daarvan hebben wij gebruik gemaakt. Veel verwachten wij er niet van, maar wij zijn toch benieuwd hoe onze hoogste bestuursrechter in al haar wijsheid en arrogantie hierop reageert. Op 30 oktober 2013 heeft de Afdeling op het bestemmingsplan Rotterdam de definitieve UITSPRAAK gedaan. Deze uitspraak is in de lijn van onze verwachtingen en schept in ieder geval duidelijkheid over het toekomsgtige Inrichtingsplan. Naar onze overtuiging is het Inrichtingsplan aan de hand van dit bestemmingsplan niet uitvoerbaar, maar dat zal de (verre) toekomst moeten leren.

Burgerparticipatie:
Voor Lansingerland een loos begrip
.
KLACHT
In tegenstelling tot de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek heeft de gemeente Lansingerland haar verantwoordelijkheid bewust niet willen nemen in het participatieproces Inrichtingsplan Vlinderstrik. Als betrokken en onafhankelijke natuurbeschermingsorganisatie hebben wij dan ook bij het college van B&W van Lansingerland een klacht ingediend wegens bewuste misleiding Programma van Eisen (PvE) Inrichtingsplan Vlinderstrik.

In het kader van burgerparticipatie heeft de projectleiding Vlinderstrik op 11 januari 2013 een vooroverleg georganiseerd met de “Stakeholders” van het gebied de Vlinderstrik: Rotta, VTM en Stichting Vlinderstrik.

Aan de orde kwam o.a. het “Polderpad”, een fiets/wandelverbinding tussen de Rotte en de Schie. In de Zuidpolder van Berkel en Rodenrijs (gemeente Lansingerland) gaat het voorgenomen tracé dwars door de ecologische verbindingszone in het zuiden van het gebied, dat in het bestemmingsplan is aangeduid als “Natuur-2”. Het voorgenomen tracé van het polderpad is in strijd met de Plankaart van het Masterplan en met de intenties van het bestemmingsplan om de zone met “Natuur-3” in het midden van het gebied te reserveren voor een recreatieve langzaam verkeerverbinding. Dat is gedaan om de rust en de ruimte in de ecologische verbinding zo veel mogelijk te sparen. Wij hebben alternatieve fiets/wandelroutes voorgesteld die recht doen aan de Plankaart van het Masterplan en aan de intenties van het bestemmingsplan, maar in tegenstelling tot de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek heeft de gemeente Lansingerland onze voorstellen volkomen genegeerd.

Verder gaat onze klacht over het feit dat er in het Inrichtingsplan slechts 125 hectare van de beloofde 140 hectare wordt aangelegd als natuur- en recreatiegebied. De deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek heeft na onze inspraakreacties op het Programma van Eisen Vlinderstrik (PvE) onderkend dat in ieder geval 10-15 ha te weinig aan natuur- en recreatiegebied wordt ingevuld (zie de brief van de deelgemeente d.d. 18 juni 2013). Aangezien er maar één PvE kan gelden voor de gehele Vlinderstrik zal ook Lansingerland rekening dienen te houden met een tekort van 10-15 hectare natuur- en recreatiegebied en met het feit dat in het kader van burgerparticipatie ook rekening dient te worden gehouden met onze inbreng. Het dossier van onze klacht vindt u HIER.

INRICHTINGSPLAN VLINDERSTRIK
PROGRAMMA VAN EISEN_VERSIE_05 APRIL_2013.

ZUIDPOLDER
Het westelijke deel van de Vlinderstrik, de Zuidpolder, valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Lansingerland. In de gemeente Lansingerland stelt het college van B&W het PVE en het Inrichtingsplan Vlinderstrik vast. Voor het eerste deel van het provinciale fietspad (het “Polderpad”), in de Zuidpolder, zal een apart inrichtingsplan worden opgesteld.
SCHIEBROEKSE POLDER
Het oostelijke deel van de Vlinderstrik, de Schiebroekse Polder, valt onder de verantwoordelijkheid van de deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek (HIS). De deelgemeenteraad van Hillegersberg-Schiebroek heeft het PVE versie 5 april 2013 op 9 april 2013 vastgesteld. De Inrichtingsplannen voor de Vlinderstrik en het Polderpad zullen door het dagelijks bestuur worden vastgesteld.
Programma van Eisen Vlinderstrik, 05_APRIL_ 2013
Gecombineerd verslag informatieavond Vlinderstrik 19 februari 2013
Ontwerp-voorstel vergadering Deelraad
_HIS_9_april_2013
Onze inspraakreactie Deelraad HIS 9 april 2013
Deelraadsvergadering HIS 9 april 2013 LIVE
Brief HIS over maatvoering: Het Inrichtingsplan komt 10-15 ha natuur tekort
Voorlopig_Ontwerp_Inrichtingsplan_Vlinderstrik

 

DE RAAD VAN STATE HEEFT OP 27 DECEMBER 2012 UITSPRAAK GEDAAN
OP DE BESTEMMINGSPLANNEN VLINDERSTRIK.
VOOR HET ROTTERDAMSE GEDEELTE BETREFT HET NOG EEN TUSSENUITSPRAAK,
DE UITSPRAAK OP HET LANSINGERLANDSE GEDEELTE IS ONHERROEPELIJK.

INRICHTINGSPLAN
De inkt van de uitspraken was nog niet droog, of het ambtelijke projectteam Vlinderstrik begint voortvarend aan het Inrichtingsplan. Met enkele andere stakeholders zoals Rotta en de VTM werden wij door het projectteam namens de gemeente Rotterdam/Stadsontwikkeling uitgenodigd voor een voor-overleg op 11 januari 2013 op de 15 e verdieping van het Europoint 2 gebouw aan de Galvanistraat.

Onder anderen kwamen ter sprake:

1. De recreatieve fiets- en wandelverbinding die de Vlinderstrik verbindt met Schieveen en het Lage Bergse Bos via Park de Polder;

2. Het toekomstige beheer van het gebied.

Omdat er geen eenduidige overeenstemming bestond willen wij hier onze visie nader uiteen zetten.

Fiets/wandelpad Zuidpolder (ons voorstel).
Fiets/wandelpad Schiebroekse Polder (ons voorstel).
PLANKAART MASTERPLAN VLINDERSTRIK

Toekomstig Beheer

Ingevolge de ganzenbestrijding, opgelegd door de FER in verband met het gevaar van vliegtuigaanvaringen, moet het beheer gericht zijn op schraal vochtig kruidenrijk grasland. Schraal bloemrijk grasland is namelijk voor ganzen en eenden veel minder in trek als foerageergebied dan de huidige voedselrijke graslanden. Verder moet het beheer ingevolge de in het bestemmingsplan opgelegde doelstellingen gericht zijn op de ecologische verbindingszone en op verbetering van de waterkwaliteit. Wij vinden daarom dat het beheer niet eenzijdig mag worden gericht op weidevogels. Wij vinden dat het beheer in de eerste plaats moet zijn gericht op de doelsoorten die voor de Vlinderstrik genoemd worden in het Ecologisch Advies van Bureau Stadsnatuur Rotterdam (bSR), als bijlage behorend bij de onderhavige bestemmingsplannen. Deze doelsoorten zijn:
Waterspitsmuis, Watervleermuis, Gewone grootoorvleermuis, Wezel, Kleine modderkruiper, Bittervoorn, Torenvalk, Patrijs en Kneu. Tal van andere soorten kunnen bij een beheer gericht op deze doelsoorten meeprofiteren. Het door de FER opgelegde beheer van vochtig schraal bloemrijk grasland brengt met zich mee dat ook weidevogels zullen meeprofiteren van dit beheer.

Natuurlijke bemesting door extensieve begrazing door koeien moet voldoende zijn. Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu verbiedt in haar Toestemmingsbrief immers elke vorm van extra bemesting.

Wij willen benadrukken dat de planomschrijving van het bestemmingsplan uitgaat van een recreatieve fiets- en wandelverbinding. Dit betekent dat bestemmingsverkeer zoals tractors op dit pad niet toegestaan kunnen worden. Verder vinden wij dat het fiets/wandelpad een behoorlijk aantal scherpe bochten mag hebben. Deze ontmoedigen brommers en racefietsers om door het gebied te jakkeren met gevaar voor met name ouderen en kinderen. Hoge bruggen over de hoofdwatergangen dienen hetzelfde doel en zijn bovendien het minst hinderlijk voor de ecologische verbindingsroute.

Het fiets/wandelpad moet zoveel als mogelijk door het centrale gedeelte van het gebied lopen, dat de bestemming “Natuur III” heeft gekregen. In het noordelijke gedeelte, met de bestemming “Natuur I”, is een fiets/wandelpad niet toegestaan. Het zuidelijke gedeelte, met de bestemming “Natuur II”, is bedoeld voor de ecologische verbindingszone. In de Zuidpolder is er helaas niet aan te ontkomen dat, vanwege de ongelukkige ligging van de fietstunnel ten opzichte van de ecoduiker, het fiets/wandelpad voor een klein gedeelte door de ecologische verbindingszone loopt. Het voorstel van het ambtelijke Projectteam om het fiets/wandelpad in de Zuidpolder helemaal door het zuidelijke gedeelte te laten lopen betekent een onaanvaardbare verstoring van de rust en de ruimte in de ecologische verbindingszone. In de Schiebroekse Polder vinden wij dat de gehele zuid-oosthoek langs de Wildersekade zoveel als mogelijk met rust gelaten moet worden. Dit is namelijk van oudsher in potentie een heel aantrekkelijk weidevogelgebiedje.

Toelichtingen
zoals opgenomen in het Bestemmingsplan:

Natuur-1, Natuur-2 en Natuur-3
De gronden van het natuurgebied hebben een aparte bestemming gekregen vanwege de gevarieerdheid in natuurdoeltypen. De nabijheid van Rotterdam-The Hague Airport maakt dat het natuurgebied in Vlinderstrik geen vogelaantrekkende werking mag hebben die leidt tot een vergroting van het risico op aanvaringen tussen vogels en vliegtuigen. Om dit zeker te stellen gelden er beperkingen voor het soort dat in Vlinderstrik wordt toegestaan.

De bestemming " Natuur-1 " is opgenomen voor de noordelijke zone van het plangebied en maakt vochtig kruidenrijk grasland mogelijk. De bestemming " Natuur-2 " is opgenomen voor de zuidelijke zone van het plangebied en maakt rietland langs sloten mogelijk en in het gebied tussen de sloten struweelland met struiken, bomen en grasland. Voor de centraal gelegen recreatieve verbinding is een aparte bestemming opgenomen, namelijk " Natuur-3 ". In deze bestemming is het mogelijk een recreatieve langzaamverkeersverbinding aan te leggen. Deze verbinding zal altijd de scheiding vormen tussen de twee bestemmingen " Natuur-1 " en " Natuur-2 ". Dit betekent dat binnen de bestemming " Natuur-3 ", de gronden, die komen te liggen ten noorden van de recreatieve verbinding altijd zullen worden ingericht zoals " Natuur-1 ". De gronden die liggen ten zuiden van de recreatieve verbinding zullen worden ingericht zoals geregeld in " Natuur-2 ".

In de bestemmingen " Natuur-1 ", Natuur-2 " en " Natuur-3 " zijn gelet op het risico op vogelaanvaringen beperking opgenomen. Zo wordt open water slechts in beperkte zin toegestaan en dan alleen in de vorm van lijnvormige waterelementen (sloten). Ten opzichte van het ontwerp bestemmingsplan is de begripsbepaling van half open moeraslandschap ingeperkt tot rietland en struweelland zonder open water en bloemrijk grasland geschikt als broedgebied voor grutto's en daarmee tot graslanden die niet plas-dras staan. Het zijn graslanden die minder voedselrijk zijn dan agrarische graslanden. Het in de bestemmingsomschrijving opgenomen maximaal winterpeil is bij een vast waterpeil gelijk aan dit vaste waterpeil. In het geval van een flexibel peil waartussen het waterpeil mag fluctueren is het gelijk aan de hoogste stand van het flexibele waterpeil.

Fauna-Effecten Rapportage (FER)
Het Ontwerp Bestemmingsplan is gewijzigd vastgesteld naar aanleiding van de FER, op aanwijzing van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu(voormalig Verkeer en Waterstaat). In de Toestemmingsbrief van het ministerie staat het volgende over het beheer van de gebieden (en dit is letterlijk zo overgenomen in de Toelichting van het Bestemmingsplan op blz 30, paragraaf 4.2):

“De Gemeente Rotterdam zal in de natuurgebieden van de polder Vlinderstrik de volgende beheersmaatregelen nemen: de graslanden verschralen (stopzetten bemesting en afvoeren maaisel) en het broeden van ganzen tegengaan door middel van nestbehandeling (verwijderen van eieren of onvruchtbaar maken van eieren). De Gemeente Rotterdam zal de gronden overdragen aan natuurbeherende organisaties met de randvoorwaarde dat deze de gronden ook op deze wijze beheren. Bij brief van 8 december 2010 heeft het ministerie van Infrastructuur en Milieu (voormalig Verkeer en Waterstaat) ingestemd met het bestemmingsplan "Vlinderstrik" onder voorwaarde dat de bovengenoemde stappen worden uitgevoerd.”

Tot zover onze reactie op het vooroverleg d.d. 11 januari 2013.
Deze reactie hebben wij op 21 januari 2013 kenbaar gemaakt aan het projectteam met kopie aan de aanwezige stakeholders.

INFORMATIEBIJEENKOMST OP 19 FEBRUARI 2012
Wij ontvingen een uitnodiging voor een informatiebijeenkomst op 19 februari 2013 in 't Manneke aan de Leeweg 33 te Berkel en Rodenrijs.

Aan de orde zullen komen:

•  Uitspraak Raad van State
•  Inrichtingsplan Vlinderstrik
•  Toekomstig beheer Vlinderstrik
•  Inrichtingsplan fietspad Polderpad
•  Planning

Wat betreft het toekomstige beheer en het inrichtingsplan fietspad Polderpad hebben wij onze visie reeds uiteengezet.

Wat betreft de uitspraken van de Raad van State en het Inrichtingsplan:
Veel knellende zaken heeft de Afdeling helaas vooruitgeschoven naar het Inrichtingsplan. Het wordt nu wel erg lastig om een goed Inrichtingsplan te maken.

In de bestemmingsplannen wordt 15,5 ha te weinig bestemd als natuur- en recreatiegebied.

Wij hebben in ons beroepschrift op blz. 22 en 23 aangetoond dat in de bestemmingsplannen binnen het PKB-gedeelte van de Vlinderstrik geen 140 hectare, maar slechts 124,5 hectare wordt ingericht als natuur- en recreatiegebied. Deze berekeningen zijn door verweerders niet weerlegd, maar de Afdeling heeft onze beroepsgrond in haar uitspraken volkomen genegeerd.

PKB gedeelte van de Vlinderstrik geen ecologische verbindingszone volgens Besluit m.e.r. 1994?

In ons beroepschrift hebben wij op blz 4 en in onze zienswijzen op blz 14 uiteen gezet dat het PKB gedeelte van het bestemmingsplan Vlinderstrik een volgens het Besluit m.e.r. 1994 gevoelig gebied is omdat het een begrensde verbindingszone betreft dat deel uitmaakt van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). De Afdeling gaat wel erg kort door de bocht met de overweging in paragraaf 6.3 dat het plangebied ( dat is inclusief ca. 40 ha voor de reserveringszone A13/A16 ) geen deel uitmaakt van de ecologische hoofdstructuur (EHS). De Afdeling gaat er geheel aan voorbij dat het Besluit m.e.r. 1994 ook een begrensde verbindingszone als zodanig beschouwt als onderdeel van de ecologische hoofdstructuur (EHS).

De provincie Zuid-Holland beschouwt de Vlinderstrik in ieder geval wel als onderdeel van de EHS.

Zie ook kaart 3 behorende bij de Provinciale Ruimtelijke Verordening Zuid-Holland.

Al met al zijn de uitspraken van de Raad van State voor kritiek vatbaar, maar er staat geen enkel rechtsmiddel hiertegen open.

Interessant is overigens om kennis te nemen van de "Elfde Voortgangsrapportage PMR/750ha", vastgesteld door het Bestuurlijk Overleg PMR/750ha op 20 september 2012. Daarin staat op blz. 20 te lezen: "Hoewel de meeste ingediende beroepen het onherroepelijk worden van de bestemmingsplannen niet in de weg lijken te staan, bestaat er een risico dat beroepen tegen de natuurontwikkeling door de Raad van State worden gehonoreerd en de bestemmingsplannen op dit onderdeel moeten worden gerepareerd. Bij het opnieuw moeten starten van een bestemmingsplanprocedure kan dit leiden tot een aanzienlijke vertraging".

Wij willen hierbij opmerken dat een vertraging van zo'n twee jaar grote financiele gevolgen zou hebben gehad. Wij krijgen dan ook de indruk dat de Raad van State geforceerd onze beroepen ongegrond heeft verklaard vanuit financiele overwegingen.

Blijft onverlet dat het Inrichtingsplan de doelstellingen van de bestemmingsplannen moet zien waar te maken.

UITSPRAKEN RAAD VAN STATE

ONHERROEPELIJKE UITSPRAAK ROTTERDAM
TUSSENUITSPRAAK ROTTERDAM
ONHERROEPELIJKE UITSPRAAK LANSINGERLAND
ONS BEROEPSCHRIFT
ONZE ZIENSWIJZEN
ADVIES GEBIEDSCOMMISSIE OUDE LEEDE

VASTGESTELDE BESTEMMINGSPLANNEN VLINDERSTRIK
PUBLICATIE STAATSCOURANT ROTTERDAM
PUBLICATIE STAATSCOURANT LANSINGERLAND

BESTEMMINGSPLAN ROTTERDAM
BESTEMMINGSPLAN LANSINGERLAND
PLANREGELS ROTTERDAM
PLANREGELS LANSINGERLAND
PLANKAART ROTTERDAM
PLANKAART LANSINGERLAND
RAADSVOOSTEL EN BESLUIT ROTTERDAM
RAADSBESLUIT LANSINGERLAND
WATERADVIES (AANGEPAST AAN DE FER)
ECOLOGISCH ADVIES
FAUNA-EFFECTENRSAPPORTAGE (FER)
GOEDKEURINGSBRIEF FER

De bestemmingsplannen zijn ten opzichte van de ontwerp bestemmingsplannen gewijzigd vastgesteld.

Het Recreatief Concentratie Punt (RCP) is meer zuidelijk aangelegd en is bovendien minder omvangrijk geworden. Toch vrezen wij een aanzienlijke overlast omdat voorzien wordt in maar liefst drie horecabedrijven die tot minstens middernacht open zullen blijven.

Door de Fauna-effectenrapportage wordt in het natuurgedeelte de vervuilde en nutrientrijke bovenlaag niet meer afgegraven.
De daardoor ontstane plas-drassituaties met riet en rietruigten zouden te veel vogels - met name ganzen - aantrekken die een gevaar kunnen vormen voor het vliegverkeer.
Het gevolg is wel dat dit ten koste gaat van de verbetering van de toch al zeer slechte waterkwaliteit. Verbetering van de waterkwaliteit is een zeer belangrijke randvoorwaarde voor de bestemmingsplannen van de Vlinderstrik.

Wij vinden daarom dat ten aanzien van het bestrijdingsmiddelen- mest- en maaibeleid stringente inrichting- en beheermaatregelen in de Planregels moeten worden opgenomen om handhaving van het nog op te stellen inrichting- en beheerplan te kunnen waarborgen.

De aanbestedingsprocedure voor het toekomstige beheer start later dit jaar.
Samen met alle betrokkenen wil het projectmanagement nadenken over het inrichtingsplan: hoe gaat de Vlinderstrik er in de toekomst, binnen de kaders van het bestemingsplan, uitzien?
Later dit jaar komt er een uitnodiging voor een informatieavond over dit traject.

Wij zullen tegen de vastgestelde bestemmingsplannen in beroep gaan bij de Raad van State omdat wij graag nog enkele wijzigingen in de bestemmingsplannen willen zien.

Onze beroepschriften zullen wij publiceren zodra de zittingsdatum bij de Raad van State bekend is. Dit zal nog wel een tijd kunnen duren.

Wij zullen u op de hoogte houden van de verdere ontwikkelingen.

ONTWERP BESTEMMINGSPLANNEN VLINDERSTRIK
FAUNA-EFFECTENRAPPORTAGE
ONTWERPBESTEMMINGSPLAN VLINDERSTRIK.

Naar uitsluiting van verhoogde risico's voor het vliegverkeer van en naar
Rotterdam The Hague Airport.
ECOLOGISCH ADVIES
WATERADVIES

ZIENSWIJZENRAPPORTAGE ROTTERDAM
ZIENSWIJZENRAPPORTAGE LANSINGERLAND
ONZE ZIENSWIJZE
ONTWERP BESTEMMINGSPLAN ROTTERDAM
ONTWERP BESTEMMINGSPLAN LANSINGERLAND
PLANKAART SCHIEBROEKSE POLDER
PLANKAART ZUIDPOLDER

Uit de zienswijzenrapportages van de gemeenten Rotterdam en Lansingerland blijkt dat het ontwerp bestemmingsplan Vlinderstrik ingrijpend zal moeten worden gewijzigd naar aanleiding van de Fauna-effectenrapportage. De waterkwaliteit en de ecologische verbindingszone, de belangrijkste randvoorwaarden voor het bestemmingsplan, komen ontoelaatbaar onder druk te staan. Naar aanleiding van de Fauna-effectenrapportage en naar aanleiding van voortschrijdend inzicht vinden wij dat een Milieu-effectrapport (m.e.r.) moet worden opgesteld om de milieugevolgen van het te wijzigen bestemmingsplan helder in kaart te brengen.

De waterkwaliteit in de Vlinderstrik is slecht te noemen. Dit komt door agrarisch landbouwgebruik, een grootschalig transportbedrijf in de Zuidpolder en een groot gebied van niet gesaneerde glastuinbouw zowel in de Zuidpolder als in de Schiebroekse Polder.

In het bestemmingsplan is in beide polders bovendien een toename van bedrijvigheid te zien in de vorm van een recreatief concentratiepunt in de Zuidpolder en in de Schiebroekse Polder de aanleg en het gebruik van een vrijliggende busbaan alsmede een forse uitbreiding van caravanstallingen – annex garagebedrijven – langs de Wildersekade.

Plas-dras graslanden, rietruigten en forse natuurvriendelijke oevers in combinatie met open water zijn gunstig voor de waterkwaliteit en in feite onmisbaar gelet op de grote infrastructurele druk in de Vlinderstrik en omgeving. Deze inrichting was voorzien in het zuidelijke gedeelte van het oorspronkelijke bestemmingsplan.

Uit de Fauna-effectenrapportage zou blijken dat deze inrichting een te groot gevaar oplevert voor de luchtvaart in verband met een te verwachten groot aantal vogels. Er is op deze fauna-effectenrapportage geen inspraak mogelijk geweest en dit rapport wordt nu direct ingebracht in het – gewijzigde – ontwerp bestemmingsplan. Wij vinden dat de conclusies uit het rapport nader onderzocht moeten worden. Een Milieu-effectrapport (m.e.r.) voor de gevolgen van het bestemmingsplan is naar onze mening noodzakelijk.

Al onze zienswijzen zijn ongegrond verklaard. Daar gaan wij natuurlijk niet mee akkoord. Wij zullen aan de gemeenteraden van Rotterdam en Lansingerland verzoeken om alsnog een Milieu-effectrapport (m.e.r.) op te laten stellen. Wordt ons verzoek wederom afgewezen dan zal een gang naar de Raad van State helaas onvermijdelijk zijn.

Wij zullen u op de hoogte blijven houden.

Gemeenteraad besluit:
GEEN M.E.R. VOOR VLINDERSTRIK
De gemeenteraad van Rotterdam doet aan korte termijnpolitiek en heeft op 9 juli 2009 besloten om voor het bestemmingsplan Vlinderstrik geen Milieu-Effectrapport (MER) op te stellen. Dit betekent een verdere vertraging van minstens twee jaar en verdubbeling van de kosten. Maar daar heeft de raad nu geen boodschap aan. Wie dan leeft dan zorgt.

PLANKAART ZUIDPOLDER
PLANKAART SCHIEBROEKSE POLDER
VOORONTWERP BESTEMMINGSPLAN
ADVIES VAN DE COMMISSIE MER
BESLUIT MER 1994
UITWERKINGSOVEREENKOMST PMR 750 HA
KAART MET AANTAL HECTARES IN VLINDERSTRIK
INSPRAAK VERGADERING COMMISSIE FIBS
MOTIE PLONSPAKKET

Wethouder Karakus beargumenteerde tijdens de raadsvergadering op 9 juli 2009 nogmaals dat er reeds een MER voor de Vlinderstrik was opgesteld en dat een MER nu niet meer nodig zou zijn. Dit is gewoon niet waar! In het kader van de PKB/PMR 2006 is voor het project 750 ha geen MER opgesteld!

De gemeenteraad knapte af op de mededeling van wethouder Karakus dat Rotterdam de hoge kosten voor het opmaken van een MER zelf zou moeten betalen. Ook dit is niet waar. De kosten worden in het kader van de PKB/PMR 2006 betaald door het Rijk. Dit staat te lezen in de UITWERKINGSOVEREENKOMST.

De MER-plicht komt nu aan de orde bij de Raad van State tijdens de behandeling van het Ontwerp Bestemmingsplan Vlinderstrik. Ongetwijfeld zal de Raad van State dan beslissen dat er voor het bestemmingsplan een MER had moeten worden opgemaakt, met als gevolg dat het hele bestemmingsplan opnieuw zal moeten worden gemaakt en ter inzage zal moeten worden gelegd. Dit betekent een verdere vertraging van minstens twee jaar en verdubbeling van de kosten.

Het siert de fracties van D66, GroenLinks en CDA dat zij tegen het voorstel van B&W hebben gestemd, maar zij waren helaas in de minderheid.

Voorafgaande aan de raadsvergadering op 9 juli 2009 heeft de Commissie voor Fysieke Infrastructuur, Buitenruimte en Sport (FIBS) op 1 juli 2009 vergaderd over het voorstel van B&W om geen Milieu-Effectrapport (MER) op te laten stellen voor de Vlinderstrik.

Naar aanleiding van onze INSPRAAKREACTIE beweerde wethouder Karakus dat er voor de 750 ha natuur- en recreatiegebied, waarvan de Vlinderstrik onderdeel is, reeds een PlanMER is opgesteld en dat daarom nu een ProjectMER niet meer nodig zou zijn.

Wethouder Karakus vergist zich. Er is helemaal niet een PlanMER opgesteld voor de 750 ha. Wel is er naar aanleiding van de in 2006 herstelde Planologische Kernbeslissing van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PBK/PMR 2006), deel 3, in augustus 2006 een Strategische Milieubeoordeling (SMB) ter inzage gelegd.

Wij hebben op deze SMB een inspraakreactie ingediend omdat wij van oordeel waren dat deze SMB ook betrekking zou hebben op het deelproject PBK/PMR voor de 750 ha natuur- en recreatiegebied. Het ADVIES VAN DE COMMISSIE MER oordeelt in paragraaf 2.4.2 echter dat het MER voor de 750 ha pas aan de orde kan komen bij de behandeling van de afzonderlijke bestemmingsplannen voor het deelproject 750 ha natuur- en recreatiegebied.

Conclusie: In tegenstelling tot wat wethouder Karakus beweert is voor de 750 ha geen PlanMER c.q. SMB opgesteld. De Commissie voor de m.e.r. oordeelt dat het project 750 ha natuur- en recreatie, waartoe ook de Vlinderstrik behoort, ProjectMER-plichtig is en dat deze ProjectMER-plicht pas aan de orde komt bij de afzonderlijke bestemmingsplannen.

Ingevolge het BESLUIT MER 1994 onderdeel C categorie 9 bestaat er derhalve voor het project 750 ha natuur en recreatiegebied een directe ProjectMER-plicht en is dus een m.e.r.-beoordelingsplicht helemaal niet aan de orde.

B&W van Rotterdam gaan ervan uit dat het plan Vlinderstrik uitsluitend m.e.r.-beoordelingplichtig is en refereert daarbij aan de Uitwerkingsoverkomst PMR/750 ha (UWO-PMR), waardoor de ontwikkeling van een ecologische verbinding gewaarborgd zou zijn. Omdat wij van mening zijn dat deze UWO-PMR juist een belemmering vormt voor een goed functionerende ecologische verbindingszone hebben wij tegen deze UWO-PMR geprotesteerd in onze inspraakreactie op de SMB van augustus 2006. Zoals gezegd, zonder resultaat, want ook deze UWO-PMR kan pas aan de orde komen bij de afzonderlijke bestemmingsplannen. Wij zijn van oordeel dat een ProjectMER het meest geëigende instrument is om de milieugevolgen van de UWO-PMR, waaraan B&W zelf refereert, helder in kaart te brengen. Als B&W beweert dat deze UWO-PMR een goed functionerende ecologische verbindingszone waarborgt, dan moet zij ook de moed kunnen opbrengen om dit middels een ProjectMER te willen bewijzen.

Burgemeester en Wethouders kunnen om haar moverende redenen deze moed helaas niet opbrengen.

Zij stellen daarentegen dat:

•  De UWO-PMR een goed functionerende verbindingszone garandeert;

•  De waterkwaliteit door de afname van bedrijvigheid in het gebied zal verbeteren.

Aangetoond kan worden dat de ecologische verbindingszone willens en wetens wordt geblokkeerd en dat bovendien de toch al niet zo goede waterkwaliteit door de voorgenomen activiteiten eerder verslechtert dan verbetert:

•  BLOKKADE ECOLOGISCHE VERBINDINGSZONE.

In de PLANKAART van de Zuidpolder is de fietstunnel onder de N470-Zuid nauwelijks te zien. Deze fietstunnel is aangelegd ten zuiden van de met een blauwe lijn aangeduide hoofdwatergang die tevens dienst doet als de ecologische hoofdader. Aangezien de ecologische verbindingszone ten gevolge van de aanleg van het bedrijventerrein Spoorhaven noodgedwongen zuidelijk moet worden aangelegd, waar nog net voldoende ruimte is, werkt de fietstunnel ten zuiden van de ecoduiker als een blokkade voor de ecologische verbindingszone. Dit werd ook door de wethouder erkend tijdens de commissievergadering FIBBS op 1 juli 2009. Dure maatregelen zullen genomen moeten worden om deze blokkade op te kunnen heffen, zo dit al mogelijk zou zijn. Ons verzoek destijds om het concept om te klappen, zodat de ecoduiker ten zuiden van de fietstunnel zou komen te liggen, werd willens en wetens genegeerd.

Op deze PLANKAART is ook te zien dat de verbinding onder de Randstadrail moet gaan. De voor kleine watergebonden dieren goed functionerende duiker onder de Randstadrail is onklaar gemaakt door de aanleg van een fietspad aan de oostzijde van de Randstadrail. Deze kwestie is overigens in procedure gebracht bij de Rechtbank Rotterdam.

•  WATERKWALITEIT VERSLECHTERT.

Hoezo zal door afname van bedrijvigheid in het gebied de waterkwaliteit verbeteren? Buiten de sanering van een enkel kassengebied ten westen van de N470-Zuid is in de rest van het gebied alle bedrijvigheid in stand gebleven. Er is zelfs sprake van een significante toename van ernstig watervervuilende bedrijvigheid.

ZUIDPOLDER

In de Zuidpolder ten oosten van de N470-Zuid zie ( PLANKAART ) betreft dit de voorgenomen aanleg van het Recreatief Concentratiepunt (RCP). De hoofdwatergang in deze polder dient als hoofdader voor de ecologische verbinding (zie FOTO). Deze hoofdader komt midden in het RCP te liggen. Daar verrijzen 4 gebouwen van 10 en 8 meter hoog met een totale oppervlakte van 6500m2. Het is evident dat de aan dit RCP gerelateerde activiteiten een enorme aanslag betekenen voor de waterkwaliteit en de ecologie in het gebied.

Bovendien is hier geen sprake van een afname van welke bedrijvigheid dan ook. Het zeer overlastgevende en vervuilende transportbedrijf met een forse parkeerplaats wordt in het bestemmingsplan gelegaliseerd. Een fors kassenareaal wordt niet gesaneerd. Er is zelfs sprake van uitbreiding van dit areaal naar het naastgelegen deel dat de bestemming “Groen” heeft gekregen, in plaats van de bestemming “Natuur”. Het is ons bekend dat voor die uitbreiding al een aanvraag ligt bij de gemeente Lansingerland.

SCHIEBROEKSE POLDER

In de Schiebroekse Polder (zie PLANKAART ) is het de ZoRo-bus die een ernstige verslechtering van de waterkwaliteit en de ecologie te weeg brengt in het ecologisch en landschappelijk meest aantrekkelijke gebied van de Vlinderstrik. Het is ongehoord dat de omgeving van deze bus de bestemming “Groen” heeft gekregen en niet de bestemming “Natuur”. Het is ook ongehoord dat deze vrijliggende busbaan in de Vlinderstrik de bestemming “Wegverkeer” heeft gekregen. Dit betekent dat deze busbaan voor alle soorten van verkeer gebruikt kan gaan worden! Er loopt tegen de busbaan nog een artikel 19 lid 1 WRO procedure bij de rechtbank Rotterdam. Duidelijk is dat de busbaan m.e.r.-plichtig is en dat alleen al om die reden het bestemmingsplan Vlinderstrik ook m.e.r.-plichtig is. Uitspraak van de rechtbank wordt binnen 10 dagen verwacht.

Ook in de Schiebroekse polder is geen sprake van welke afname van bedrijvigheid dan ook. Integendeel, langs de Wildersekade is zelfs sprake van kasuitbreiding, tegen alle beleid in van de Provincie. Al het bestaande glastuinbouwareaal in de Schiebroekse polder wordt in het bestemmingsplan gelegaliseerd, zelfs het oneigenlijke gebruik daarvan zoals caravanstallingen langs de Wildersekade. De kasuitbreiding langs de Wildersekade (artikel 19 lid 1 WRO) is nog in procedure bij de Raad van State.

HET BESTEMMINGSPLAN KOMT NIET TOE AAN DE DOELSTELLINGEN VAN DE PKB/PMR 2006
De PKB/PMR 2006 bepaalt in de Beslissingen van Wezenlijk Belang nrs 23 en 25 en de toelichting daarop dat 140 ha wordt getransformeerd in de Vlinderstrik: 100 ha ten behoeve van een openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied en 40 ha ten behoeve van de door de Stadsregio gewenste volkstuinen en sportvelden. De Vlinderstrik is in totaal ruim 150 ha groot ( Zie KAART). Het 6,5 ha grote RCP past niet in de doelstellingen van de PKB/PMR. Ingevolge het streekplan RR2020 mag wel een RCP worden aangelegd, maar dan buiten de 140 ha, in het restgebied. Men hoeft geen rekenwonder te zijn om vast te stellen dat van de 150 ha bij lange na geen 140 ha overblijft na aftrek van de tientallen hectares die in beslag worden genomen door het RCP, kassen, caravanstallingen, de ZoRo-bus, een transportbedrijf met parkeerplaats en de vele hectares die de vage bestemming “Groen” en “Tuin” zijn toebedeeld.

EEN MER IS NOODZAKELIJK OM DE MILIEUGEVOLGEN VAN HET BESTEMMINGSPLAN VLINDERSTRIK HELDER IN KAART TE KUNNEN BRENGEN.
Wanneer geen ProjectMER wordt opgesteld zal de Raad van State bij de behandeling van het ontwerp van het bestemmingsplan naar alle waarschijnlijk beslissen dat er ingevolge de wet Milieubeheer alsnog een MER moet worden opgesteld.

Dit betekent een vertraging van het plan van minstens twee jaar! Hierdoor wordt de door de Raad aangenomen motie PLONSPAKKET geweld aangedaan.

Daar is niemand bij gebaat!

 

AKKOORD HAVENBEDRIJF-MILIEUDEFENSIE
AFSPRAKENKADER BORGING PMR

MILIEUDEFENSIE HAAKT AF EN SLUIT OP 9 FEBRUARI 2009 EEN AKKOORD MET HET HAVENBEDRIJF ROTTERDAM.

Dit betekent dat Milieudefensie geen beroep bij de Raad van State zal instellen tegen het bestemmingsplan "Maasvlakte 2".

Milieudefensie heeft er vertrouwen in dat het Havenbedrijf de vage beloften over emissiebeperking zal nakomen. Wij denken daar niet zo positief over. Het Havenbedrijf is gebonden aan de Planologische Kernbeslissing (PKB) van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR). Daarin zijn afspraken gemaakt om als compensatie voor de verslechterende leefomgevingskwaliteit in het Rijnmondgebied ten gevolge van de aanleg van Maasvlakte 2, 750 ha natuur- en recreatiegebied aan te leggen.

Voor wat betreft de Vlinderstrik worden deze afspraken tot nu toe niet nagekomen. De aanleg van MV2 is met volle vaart in gang gezet, maar het enige wat er in de Vlinderstrik gebeurt zijn ongewenste ontwikkelingen zoals kasuitbreiding, aanleg van een vrijliggende busbaan waarvan nut en noodzaak niet zijn aangetoond en de onnodige blokkade van de ecologische verbinding ten behoeve van een fietspad.

Er is daarentegen nog geen enkel zicht op wanneer het bestemmingsplan voor het nieuwe natuur- en recreatiegebied ter inzage wordt gelegd.

Wij handhaven dan ook ons beroep bij de Raad van State.

Wij hebben de leefomgevingskwaliteit in het Rijnmondgebied hoog in het vaandel staan. Daarom hebben wij de bij Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland ingediende bedenkingen van Milieudefensie ondersteund. Milieudefensie heeft haar bedenkingen mede namens ons ingediend en wij hebben Milieudefensie gemachtigd om mede namens ons bedenkingen en beroep te mogen instellen op het Bestemmingsplan “Maasvlakte 2”.

In ons beroep bij de Raad van State hebben wij de bedenkingen van Milieudefensie, die mede namens ons zijn ingediend, meegezonden en verzocht deze bedenkingen als ingelast en herhaald te beschouwen.

Milieudefensie zelf vindt dat op de reacties van de Provincie op haar bedenkingen nog het een en ander valt af te dingen.
Nader onderzoek is geboden en wij hebben dan ook in ons beroep verzocht om de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (StAB) in te schakelen.

GS KEUREN BESTEMMINGSPLANNEN
MAASVLAKTE 2 GOED.
GOEKEURINGSBESLUIT
(PDF, 9MB)

Op 16 december 2008 hebben Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland de bestenmmingsplannen Maasvlakte Twee goedgekeurd. Alle bedenkingen zijn door de provincie ongegrond verklaard. GS praten het zelfs goed dat wij door de gemeenteraad niet op de hoogte zijn gebracht van de hoorzitting voorafgaande aan de vaststelling van het bestemmingsplan. Dit is strijdig met de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Wij gaan in beroep bij de Raad van State. Wij vinden namelijk dat de afspraken die zijn gemaakt in het kader van de Planologische Kernbeslissing (PKB) van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR) voor wat betreft de realisatie van de Vlinderstrik niet worden nagekomen.

Op 17 juli 2008 sloot de termijn om bij de Provincie Zuid-Holland bedenkingen in te kunnen dienen tegen de vastgestelde bestemmingsplannen Maasvlakte 2.
Bedenkingen Vlinderstrik
Bedenkingen Milieudefensie
Website Milieudefensie
Deze bestemmingsplannen ontlenen in belangrijke mate hun draagvlak aan het tegelijkertijd aanleggen van 750 ha natuur- en recreatiegebied als compensatie voor de verslechterende leefomgevingskwaliteit, ten gevolge van de aanleg en het gebruik van de Tweede Maasvlakte. In samenwerking met Milieudefensie , die naar onze overtuiging genoegzaam heeft aangetoond dat deze leefomgevingskwaliteit significant verslechtert, hebben wij onze bedenkingen ingediend tegen het niet nakomen van de afspraken, in het bijzonder voor het niet tegelijkertijd aanleggen van 100 ha openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied in de Vlinderstrik.

De gemeenteraad van Rotterdam heeft op 22 mei 2008 de bestemmingsplannen voor de Tweede Maasvlakte vastgesteld.

Voor de hoorzitting werden wij niet uitgenodigd omdat de 750 ha Natuur- en Recreatiegebied, waartoe de Vlinderstrik behoort, geen onderdeel zou uitmaken van de bestemmingsplannen MV2.
Dit is vreemd, want in het kader van de bestemmingsplannen MV2 werd ook vastgesteld “Het afsprakenkader Borging PMR” dat o.a. beoogt de aanleg van de 750 ha natuur- en recreatiegebied in IJsselmonde ( 600 ha ) en in de noordrand van Rotterdam ( 50 ha Schiezone en 100 ha Vlinderstrik) veilig te stellen gelijktijdig met de aanleg van de Tweede Maasvlakte.

In tegenstelling tot onze Stichting kreeg de Zuid-Hollandse Milieufederatie (ZHM) wel de gelegenheid het mede door haar ondertekende afsprakenkader tijdens de hoorzitting te verdedigen. De oorzaak van dit meten met twee maten moet gevonden worden in het feit dat wij faliekant tegen het afsprakenkader zijn. Het afsprakenkader is een convenant tussen de bij de aanleg van de Tweede Maasvlakte betrokken overheidsinstanties en maatschappelijke organisaties zoals de ZHM, Natuurmonumenten, Zuid-Hollands Landschap en de Stichting Duinbehoud. Geen van deze milieu- en natuurorganisaties heeft ook maar enig belang bij de aanleg van de Vlinderstrik.

De Zuid-Hollandse Milieufederatie heeft geen mandaat om het convenant namens haar achterban te mogen ondertekenen; ergo zij heeft geen enkel zinvol overleg gepleegd met haar achterban. Rotterdam en Stadsregio kunnen hun gang gaan in de Vlinderstrik zonder dat met name de Zuid-Hollandse Milieufederatie ook maar één vinger er naar zal uitsteken.

Het Masterplan Vlinderstrik is op 13 mei 2008 door het college B&W van Rotterdam vastgesteld en op 15 mei 2008 ter kennisgeving aan de gemeenteraad aangeboden.

In de aanbiedingsbrief stelt het college voor om de motie “Plonspakket” van 5 april 2007 als afgedaan te beschouwen omdat door het vaststellen van het masterplan Vlinderstrik er nu concrete plannen zouden zijn voor de “Rotterdamse” PMR-hectares.

De motie “Plonspakket” beoogt de aanleg van de 750 ha natuur- en recreatiegebied veilig te stellen voor dat de activiteiten rond de “eerste plons” zullen plaats vinden.

Maatgevend voor concrete plannen zijn de ontwerp bestemmingsplannen en deze zijn voor de Vlinderstrik nog lang niet vastgesteld. Het is dus erg voorbarig om de motie “Plonspakket” als afgedaan te beschouwen bij het vaststellen van het Masterplan Vlinderstrik, dat zonder enige inspraak door het college is vastgesteld, derhalve geen juridische status heeft en waarbij bovendien enige financiële onderbouwing ontbreekt.
Plankaart Masterplan Vlinderstrik belooft niet veel goeds

Door de verkeerde ligging van het fietsviaduct in de Zuidpolder blokkeert het fietspad in de Zuidpolder de ecologische aansluiting met de Schiebroekse Polder. Het nieuwe Fietspad Zwarte pad blokkeert een goed functionerende ecologische verbindingszone tussen Randstadrail en HSL. Grote percelen landbouwgronden aan weerszijden van de HSL moeten nog verworven worden. Grote stukken glastuinbouwkassenareaal en bedrijvengebied langs de Wildersekade, ten westen van de HSL en in de Zuidpolder worden buiten de PKB gehouden en worden niet gesaneerd. Het recreatief concentratiepunt ten westen van bedrijventerrein Spoorhaven belemmert in hoge mate zowel de recreatieve als de ecologische verbindingszone. De Zoro-bus blokkeert de gewenste ecologisch/recreatieve aansluiting met het Landscheidingspark.

Deze Plankaart van het Masterplan is door het ambtelijke Projectmanagement van de Vlinderstrik op 21 april 2008 tijdens een informatieavond besproken en wordt daarna ter goedkeuring aangeboden aan B&W van Rotterdam en Lansingerland.
Het Masterplan vormt de basis voor de nog op te maken bestemmingsplannen, waarop inspraak en beroep mogelijk zijn.

In de Heraut van 30 april 2008 verscheen een verslag van de informatie avond op 21 april 2008.
Als reactie daarop hebben wij een ingezonden brief gestuurd en deze is geplaats in de Heraut van 7 mei 2008:

Meepraten en –denken over de Vlinderstrik.
Hierbij wil ik namens het bestuur van de Stichting Natuurbescherming Vlinderstrik reageren op het artikel in de Heraut van 30 april 2008, getiteld “Opnieuw meepraten en- denken over de Vlinderstrik”.
Doorgangsgebied voor mens en dier - Provinciale Ecologische Hoofdstructuur
De Vlinderstrik dient in de eerste plaats als doorgangsgebied voor mens en dier tussen Polder Schieveen en de Boterdorpse Polder in het kader van de Groenblauwe Slinger en de Provinciale Ecologische Hoofdstructuur (PEHS) tussen Midden Delfland en het Rottemerengebied. Hieraan ontleent de Vlinderstrik haar juridische status. Deze juridische status komt onder druk te staan als niet wordt voldaan aan de voorwaarden van de PEHS zoals die voor dit gebied zijn neergelegd in de Planologische Kernbeslissing van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PKB/PMR). Vragen die ik in dit kader heb gesteld in de eerste “meedenkavonden” werden als lastig ervaren en ontwijkend beantwoord. Voor de toekomstige gebruikers van de Vlinderstrik (mens en dier), die wij pretenderen te vertegenwoordigen, was er geen sprake van om mee te kunnen denken over het project. Het artikel in de Heraut stelt dat er nog volop gelegenheid is om op de toekomstige bestemmingsplannen in te spreken.
Cruciale bestuurlijke besluitvorming heeft al plaats gevonden.
Dit is niet waar, cruciale bestuurlijke besluitvorming heeft immers al plaats gevonden.
Verkeerde ligging fietstunnel in Zuidpolder
Helaas is in 2005 ondanks ons verzoek om de gecombineerde ecoduiker/fietstunnel “om te klappen” de fietstunnel onder de N471 willens en wetens ten zuiden van de ecoduiker geplaatst waardoor de ecologische aansluiting met de Schiebroekse Polder wordt geblokkeerd.
Nieuwe Zwarte Pad blokkeert ecologische verbinding.
De verbreding van het zwarte Pad langs de voormalige Hofpleinlijn betekent een aanzienlijk verlies aan natuurwaarden en een vernietiging van de voor watergebonden dieren goed functionerende duiker onder de Randstadtrail.
De ZoRo bus belemmert de recreatieve/ecologische aansluiting met het Landscheidingspark.
De ZoRo bus belemmert in hoge mate de noodzakelijke recreatieve en ecologische aansluiting met het Landscheidingspark.
Grote arealen kassen- en bedrijvengebieden worden niet gesaneerd.
Grote arealen kassen- en bedrijvengebieden zowel in de Schiebroekse- als in de Zuidpolder worden niet gesaneerd hetgeen eveneens een belemmering vormt voor een goed functionerende PEHS.
Het Recreatief Concentratiepunt is een belemmering.
De invulling van het “Recreatief Concentratiepunt” (RCP) langs de Landscheiding ten westen van de Randstadrail komt er op neer dat de grond aan de meest biedende commerciële instelling wordt verhuurd die het er alleen om te doen is om zo veel mogelijk betalende bezoekers aan te trekken. Een non-profit instelling zoals een Kinderboerderij wordt immers niet gefinancierd vanuit het beschikbare budget! De verkeersaantrekkende en blokkerende werking van het niet openbaar toegankelijke RCP betekent hierdoor eveneens een aanzienlijke belemmering voor het goed functioneren van de ecologisch/recreatieve verbindingszone.
Juridische procedures.
Wij zullen proberen door middel van gerechtelijke procedures deze voor de PEHS bedreigende ontwikkelingen het hoofd te bieden. Sommige procedures lopen al bij de Rechtbank Rotterdam en/of de Raad van State. Deze procedures zijn kostbaar en tijdrovend, maar naar onze overtuiging noodzakelijk om te voorkomen dat de Raad van State de bestemmingsplannen vanwege een niet goed functionerende PEHS zal moeten afkeuren. Niemand is daarbij gebaat, ook niet de huidige bewoners en gebruikers van het gebied. Definitieve afkeuring van de bestemmingsplannen en daarmee het verlies aan juridische status zouden – wellicht – er toe kunnen leiden dat de A13/16 vrij spel krijgt om in een open bak diep in de Vlinderstrik te worden aangelegd. Zeer serieuze voorstellen daartoe zijn reeds ingediend door Rijkswaterstaat!!

Jan Ochtman
Voorzitter Stichting Natuurbescherming Vlinderstrik.
www.vlinderstrik.net

Tweede Maasvlakte
Zienswijzen op de ontwerpbestemmingsplannen
Zienswijze Vlinderstrik
Zienswijze Milieudefensie

Op 14 februari 2008 sloot de termijn voor het indienen van zienswijzen op de ontwerpbestemmingsplannen Tweede Maasvlakte. Voor ons is van belang de realisatie van 100 ha openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied in de Vlinderstrik (onderdeel van de 750 ha ), die als compensatie voor de verslechterende leefomgevingskwaliteit ten gevolge van de aanleg Tweede Maasvlakte zal worden aangelegd. Dat deze leefomgevingskwaliteit significant verslechtert blijkt uit de zienswijze van Milieudefensie, die wij van harte ondersteunen. Wij maken bezwaar tegen het feit dat gelijktijdig met de aanleg van de Tweede Maasvlakte geen harde garantie wordt gegeven voor de daadwerkelijke aanleg van de 750 ha openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied.

Informatieavonden, “Meedenk”avonden en de Klankbordgroep ZoRo-bus, die in november 2007 van start zijn gegaan, komen in de Vlinderstrik als mosterd na de maaltijd.

De PKB van het project Mainportontwikkeling Rotterdam schrijft voor dat de ontwikkelingen in de 750 ha . openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied moeten plaats vinden in samenspraak met bewoners en toekomstige gebruikers.
Cruciale besluitvorming heeft echter al veel eerder plaats gevonden of bevindt zich nog in de procedurefase.

Zuidpolder.
Gecombineerde ecoduiker/fietstunnel onder N471.
Al in maart 2005 werd hiervan afgeweken toen een aanvraag werd ingediend voor de gecombineerde ecoduiker/fietstunnel onder de N471 in de Zuidpolder van Berkel en Rodenrijs. In de Commissie Ruimte van de toenmalige gemeente Berkel en Rodenrijs hebben wij op 14 maart 2005 in onze goedgelovige naïveteit gevraagd ons op de hoogte te houden van de bouwvergunning. Dit bleek één van onze beginnersfouten te zijn geweest. De toenmalige wethouder en de dienstdoende ambtenaar hebben ons dat braaf beloofd, maar natuurlijk niet gedaan. Zodoende waren wij te laat om tegen de verleende bouwvergunning tijdig een bezwaarschrift in te kunnen dienen. Wij wilden namelijk bezwaren indienen vanwege het feit dat in de aanvraag de fietstunnel ten zuiden van de ecoduiker was ingetekend. Met een kleine moeite had de fietstunnel ten noorden van de ecoduiker geprojecteerd kunnen worden. Hierdoor kon niet alleen het fiets- en wandelverkeer gevrijwaard blijven van het lawaai en de vieze luchten van de te verbreden Doenkade en de eventuele toekomstige A13/16, maar kon ook de ecologische verbinding ongestoord blijven. Nu de fietstunnel ten zuiden van de ecoduiker ligt betekent dit niet alleen een blokkade van de ecologische verbinding, maar brengt ook gezondheidsrisico's mee voor de duizenden recreanten door de onmiddellijke nabijheid van zware infrastructuur. Zie het VERSLAG van de Commissie Ruimte d.d. 14 maart 2005.

Schiebroekse Polder
Wildersekade
Op 25 januari 2007 heeft de gemeenteraad van Rotterdam voor de Wildersekade een voorbereidingsbesluit genomen dat zowel in strijd is met het huidige bestemmingsplan Wildersekade II als met het beleid van het MER 2001 om het glastuinbouwareaal en de bedrijfsgebouwen te saneren.
Tegen dit voorbereidingsbesluit hebben wij bezwaar aangetekend. Dat ligt nu bij de Raad van State. (Hoger beroep d.d. 27 september 2007)

ZoRo-bus
De deelgemeente Hillegersberg-Schiebroek is op 5 september 2007 een vrijstellingsprocedure gestart om de aanleg van een vrijliggende busbaan in een smal en kwetsbaar gedeelte van de Vlinderstrik mogelijk te maken. Op 5 oktober 2007 hebben wij hiertegen een ZIENSWIJZE ingediend.

Keurvergunning voor verbreden fietspad Zwarte pad langs Randstadrail.
Op 26 juli 2007 heeft het college van dijkgraaf en hoogheemraden van Schieland en de Krimpenerwaard op verzoek van Gemeentewerken Rotterdam een keurvergunning verleend voor het verbreden van het fietspad Zwarte Pad langs de Randstadrail. Verlies van natuurwaarden en een mogelijke blokkade van de ecologische verbinding is daarvan het gevolg. Op 10 september 2007 hebben wij een BEZWAARSCHRIFT ingediend. Op 13 november 2007 volgde een hoorzitting. Zie onze PLEITNOTA

Tweede Maasvlakte – Reacties op MER.
Inspraak Vlinderstrik
Inspraak Milieudefensie
Inspraak RMC e.a.
Milieu Effectrapport (MER) uit 2001 (pdf 9 MB)

Op 31 mei 2007 sloot de termijn voor het indienen van inspraakreacties op het MER (Milieu Effect Rapport) aanleg en bestemming Tweede Maasvlakte. Voor ons is van belang de realisatie van 100 ha openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied in de Vlinderstrik (onderdeel van de 750 ha ), die als compensatie voor de verslechterende leefomgevingskwaliteit ten gevolge van de aanleg Tweede Maasvlakte zal worden aangelegd. Dat deze leefomgevingskwaliteit significant verslechtert blijkt uit de inspraakreactie van Milieudefensie, die wij van harte ondersteunen. De Milieufederatie Zuid-Holland , Natuurmonumenten, Zuid-Hollands Landschap en het Rotterdams Milieucentrum hebben in een gezamenlijke reactie een beroep gedaan om de 750 ha gelijktijdig met de aanleg van de Tweede Maasvlakte te realiseren. Gezien de huidige ontwikkelingen in de Vlinderstrik zien wij echter liever een keiharde garantie dat het in mei 2001 vastgestelde MER voor de 750 ha wordt nagekomen voordat de eerste “plons” voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte zal plaats vinden.

De Vlinderstrik bestaat uit de Zuidpolder van Berkel en Rodenrijs en de Schiebroekse Polder gezamenlijk. Het gebied wordt doorsneden door de N470-Zuid, Landscheidingsweg, RandstadRail (Erasmuslijn), HSL en op termijn de railverbinding tussen Zoetermeer en Rotterdam, de ZoRo-lijn (gereserveerd in het nieuwe streekplan RR2020). Daarnaast zijn er plannen om een ZoRo-busverbinding op een vrije baan aan te leggen. Deze ZoRo-bus mist echter de juridische grondslag om in het vlinderstrikgebied aangelegd te kunnen worden.

De begrenzing van het gebied heeft de vorm van een vlinderstrik, vandaar de naam. In het noorden wordt het gebied begrensd door de Rodenrijseweg, in het westen door de Oude Bovendijk (aansluitend op polder Schieveen) en in het oosten door de Wildersekade (aansluitend op Landscheidingspark en Boterdorpse Polder). De begrenzing aan de zuidzijde wordt gevormd door de reserveringen voor de verbreding van de Doenkade en de aanleg van de eventuele nieuwe Rijksweg A13/16.

Het gebied is ongeveer 140 hectare groot en de lengte tussen de Oude Bovendijk en de Wildersekade is nog geen drie kilometer. In het kader van compensatie voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte is in de Planologische Kernbeslissing (PKB) van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR) binnen het gebied van 140 hectaren als zoekgebied een 100 hectaren groot openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied vastgesteld. De 100 hectare is uiteraard netto, onder aftrek van alle huidige en toekomstige infrastructuur, agrarisch gebied, glastuinbouwkassenareaal en andere bedrijvigheid. Dit betekent dat er in het gebied nog veel gronden moeten worden verworven en bedrijven moeten worden gesaneerd. Het geld daarvoor is vooralsnog niet beschikbaar. De door de Europese Commissie verplichte compensatie voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte is bedoeld om de leefbaarheid in het Rijnmondgebied te verbeteren; als tegenwicht voor de kwalijke milieugevolgen van de Tweede Maasvlakte. Wij vinden dat de Tweede Maasvlakte niet kan doorgaan als de gelden voor de noodzakelijke verwerving van de compensatie-hectaren niet beschikbaar worden gesteld. Samen met Milieudefensie Amsterdam maken wij ons daar sterk voor.

De Vlinderstrik is onderdeel van de 750 hectaren openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied dat wordt aangelegd als compensatie voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte. Voor de Vlinderstrik is 100 ha gereserveerd in de Planologische Kernbeslissing (PKB) van het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR). Op de Strategische Milieubeoordeling (SMB) behorende bij deel 3 van deze PKB is inspraak geweest.
Op 12 september 2006 heeft het Kabinet o.a. de volgende stukken (PDF) ter bespreking aan de Tweede Kamer toegestuurd:

Begeleidende brief. (6,07 MB)
Advies van de Commissie m.e.r. (1,74 MB)
Notitie van Bevindingen en Kabinetsstandpunt over de inspraakreacties. (999 kB)
Addendum, inclusief Toetsingskader (4,59MB) behorende bij de
Uitwerkingsovereenkomst van het deelproject "750 ha Natuur- en Recreatiegebied
Notitie Luchtkwaliteit PMR (194 kB)
Basisrapportage PMR (3,41 MB)
Audit PMR-rapport van bevindingen bij de basisrapportage (let op: 20,2 MB)

Uit het Addendum, met Toetsingskader, behorende bij de Uitwerkingsovereenkomst van het deelproject 750 ha openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied, blijkt dat het herstelde deel 3 van de PKB aanzienlijk afwijkt van de intenties en doelstelling van het Milieu Effectrapport (MER) uit 2001 (PDF 9 MB). Dit kan nooit de bedoeling zijn geweest van de Raad van State toen zij in januari 2005 de Concrete Beleidsbeslissingen van de PKB/PMR heeft vernietigd.
Wij zijn het dan ook niet eens met het Kabinetsstandpunt over onze inspraakreacties.
Het betreft een politiek besluit, waarop wij weinig invloed kunen uitoefenen. Onze inspraakreacties zullen wel helpen bij onze procedures ten aanzien van bestemmingsplannen, bouwvergunningen etc., die helaas ongetwijfeld zullen moeten volgen. Een lichtpunt daarbij is wel dat de kosten voor deze procedures volgens afspraak in het Addendum, behorende bij de Uitwerkingsovereenkomst 750 ha, voor rekening van het Rijk komen.

PKB DEEL 4 2006 (PDF 2,68 mb)
Op 18 december 2006 werd bekend gemaakt dat de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal hebben ingestemd met de Planologische Kernbeslissing Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PKB PMR 2006). De PKB schept de ruimtelijke voorwaarden voor de uitvoering van PMR, waarmee een impuls wordt gegeven aan de economie en de leefomgeving van de Rotterdamse regio. Met deze bekendmaking treedt de PKB PMR (2006) in werking en is de procedure afgerond.

Deel 4 van de PKB PMR 2006 ligt vanaf dinsdag 19 december 2006 tot en met maandag 29 januari 2007 ter inzage. Inspraak is echter niet meer mogelijk vanwege het ontbreken van Concrete Beleidsbeslissingen.
Nadere informatie vindt u op de website van het PMR.

Nu de PKB PMR (2006) (pdf 2,68 MB) per 19 december 2006 in werking is getreden zonder Concrete Beleidsbeslissingen rest ons in de vervolgprocedures niets anders dan alert te reageren op (wijzigingen van) de bestemmingsplannen etc.

Wij houden u op de hoogte van de verdere ontwikkelingen.

 
A13-16

Wilderszijde

Schiebr.Polder